Hadewijch vandaag

 

In 2009 worden de Liederen van Hadewijch opnieuw uitgegeven. Met de publicatie van deze moderne editie komt er in de artistieke wereld een hernieuwde belangstelling voor het oeuvre van de middeleeuwse mystica. Verschillende contemporaine kunstenaars en schrijvers treden in hun werk in dialoog met Hadewijch. Een opvallende tendens daarbij is de grote aandacht voor een welbepaald woord uit Hadewijch’s mystieke teksten: ‘orewoet’. ‘Orewoet’ is de Middelnederlandse term waarmee Hadewijch de razende, mateloze begeerte naar de goddelijke liefde uitdrukt.


Het oeuvre van de middeleeuwse dichteres Hadewijch bestaat uit 31 prozabrieven, 16 rijmbrieven of mengeldichten, 14 visioenen en 45 liederen . Van het laatste tekstgenre, de minneliederen, verscheen er in 2009 bij Historische Uitgeverij Groningen een nieuwe uitgave. De teksteditie en de vertaling werd verzorgd door Frank Willaert en Veerle Fraeters. Met hun verhelderende inleiding en tekstcommentaren hebben zij de middeleeuwse teksten voor de moderne lezer weer toegankelijk gemaakt.

Voor deze nieuwe editie van de Liederen maakte de musicoloog Louis Peter Grijp een reconstructie van de melodieën waarop Hadewijch haar teksten heeft gedicht. Het boek gaat dan ook vergezeld van vier cd’s, waarop de liederen te beluisteren zijn.


Orewoet in kunst en poëzie

De uitgave van Fraeters en Willaert leidde tot een hernieuwde belangstelling van kunstenaars en schrijvers voor Hadewijch. Opmerkelijk is dat in de contemporaine literair-artistieke receptie met name aandacht wordt besteedt aan de ‘orewoet’ van Hadewijch, die vooral in de Liederen een cruciale rol speelt. Voor de middeleeuwse mystica is de orewoet de razende honger naar de goddelijke liefde of minne. Dit brandend verlangen is de drijfveer die de mens steeds opnieuw en steeds dieper naar de eenwording met de allesoverstijgende goddelijke liefde beweegt.

Hadewijch. Liederen.  Uitgegeven, ingeleid, vertaald en toegelicht door Veerle Fraeters & Frank Willaert (2009)

Hadewijch. Liederen. Uitgegeven, ingeleid, vertaald en toegelicht door Veerle Fraeters & Frank Willaert; met een reconstructie van de melodieën door Louis Peter Grijp. Groningen: Historische Uitgeverij, 2009.

Serie schilderijen 'Orewoet' van de Nederlandse kunstenares en schrijfster Cobi van Baars

Serie schilderijen 'Orewoet' van de Nederlandse kunstenares en schrijfster Cobi van Baars

Serie schilderijen 'Orewoet' van de Nederlandse kunstenares en schrijfster Cobi van Baars

Serie schilderijen 'Orewoet' van de Nederlandse kunstenares en schrijfster Cobi van Baars

Serie schilderijen 'Orewoet' van de Nederlandse kunstenares en schrijfster Cobi van Baars

Serie schilderijen 'Orewoet' van de Nederlandse kunstenares en schrijfster Cobi van Baars

Schilderij 'Orewoet' door Sacha Eckes

'Orewoet' van de kunstenares Sacha Eckes

Hadewijchs ‘orewoet’ spreekt duidelijk tot de verbeelding van hedendaagse kunstenaars en dichters. Zo presenteert de Nederlandse kunstenares Cobi van Baars op 1 en 2 oktober 2011 de tentoonstelling ‘Orewoet’ in de kerk van Persingen. De titels van de individuele schilderijen zijn telkens citaten uit Hadewijch’s Liederen. Nog in 2011 verschijnt de dichtbundel Minnezang van Kurt de Boodt. De titel verwijst naar de mystieke liefdespoëzie van Hadewijch en ook de openingsregels refereren aan de middeleeuwse dichteres: ‘Tussen oren woedt/ minnes gloed’.

In 2014 publiceert Dichter des Vaderlands Charles Ducal dan weer De buitendeur, een bundel waarin hij als schrijver de confrontatie aangaat met de buitentekstuele werkelijkheid. In het gedicht ‘Hadewijch’ verwerkt Ducal intertekstuele verwijzingen naar de poëzie van de middeleeuwse mystica. Het gedicht is een evocatie van de ‘orewoet’, het liefdesverlangen van Hadewijch dat hier een zinnelijke component krijgt. In datzelfde jaar maakt ook de kunstenares Sacha Eckes het schilderij ‘Orewoet’.

 

Orewoet, de roman

In oktober 2016 publiceert de Nederlandse schrijfster Emy Koopman de psychologische roman Orewoet, waarin ze de flinterdunne grens onderzoekt tussen waanzin en liefde. In het verhaal cirkelen de drie hoofdpersonages rondom één centrale figuur, de kunstenaar Lucas Brandmeester. Afwisselend vertellen de alleenstaande moeder Agatha May Anderson, de tienerjongen Alex en de letterkundige Johannes Diederik Stegman over hun afwezige geliefde, vader en vriend.

In Orewoet proberen de hoofdpersonages alle drie vat te krijgen op de meerduidige werkelijkheid. Hun pogingen om de controle over hun leven te behouden, lopen echter telkens uit op mislukkingen. De overweldigende gevoelens en verlangens van May, Alex en Dirk drijven hen op het randje van de waanzin. In het romaneske universum van Emy Koopman legt de rede het steevast af tegen de passies.

Terwijl Hadewijch het woord orewoet reserveert voor de passievolle hartstocht van de mens naar God, laat Koopman orewoet woeden tussen twee menselijke geliefden. Dat verandert de impact radicaal.

Waar het mystieke verlangen bij Hadewijch een positieve kracht is die de minnaar er toe drijft zichzelf te overstijgen, zet de orewoet bij de personages van Emy Koopman een proces van existentiële degeneratie in gang: de jonge feministe May verandert door haar allesverterende hartstocht voor Lucas Brandmeester in een afhankelijke huisvrouw. Op die manier vormen de Liederen in de roman van Koopman de katalysator van een negatieve spiraal van afhankelijkheid en onvrijheid.