Hadewijch en het feminisme

Vanaf de jaren zestig van de vorige eeuw, is er een sterke heropleving van het feministische gedachtengoed. Tijdens de tweede feministische golf zijn recht op betaald werk en deelname van vrouwen aan het maatschappelijke leven belangrijke speerpunten, evenals het recht op abortus. Ook in de artistieke wereld treedt het feminisme op de voorgrond. Zo maakt de Vlaamse actrice Frieda Pittoors in de jaren tachtig politiek theater met een sterk feministische inslag. In het toneelstuk Hadewych voert ze de middeleeuwse mystica op als zelfstandige, onafhankelijke vrouw.

 

In 1968 studeert de Vlaamse actrice Frieda Pittoors af aan de Antwerpse toneelschool Studio Herman Teirlinck. In de jaren na haar afstuderen richt ze zich op het maken van politiek theater. Ze sluit zich aan bij verschillende theatergezelschappen die inzetten op sociaal engagement. Zo wordt Pittoors lid van de ‘Werkgemeenschap’, een politiek geëngageerd gezelschap dat streeft naar vernieuwing binnen de Belgische theaterwereld. In de jaren zeventig sluit Pittoors zich dan weer aan bij de Nederlandse toneelgroep ‘Proloog’, dat zich richt op vormingstheater voor een breed publiek.

Na haar carrière bij ‘Proloog’ besluit Pittoors in de jaren tachtig om als freelancer te werken. Op die manier tracht ze voor zichzelf meer artistieke vrijheid te creëren. Ook met haar freelancewerk streeft de Vlaamse actrice naar politiek engagement. Het feminisme krijgt nu een belangrijke plaats in haar werk.

Frieda Pittoors: Promotiefoto 1968 Studio Herman Teirlinck

Foto van Frieda Pittoors in 1968

 Hadewych

Op 10 januari 1985 presenteert Pittoors de première van haar eerste soloproject Hadewych in toneelzaal De Brakke Grond te Amsterdam. De opvoering is het resultaat van een hechte samenwerking met de Grieks-Nederlandse regisseur Apostolos Panagopoulos. Voor de tekst van het stuk liet Pittoors zich onder andere inspireren door de geschriften van de dertiende-eeuwse dichteres Hadewijch.

In Hadewych verwerkt Pittoors passages uit de Visioenen, een verzameling prozateksten waarin de mystica haar proces van innerlijke veredeling in het licht van de goddelijke liefde beschrijft. In haar moderne Hadewijch-bewerking trekt de actrice de mystieke geschriften uit hun middeleeuwse context. Ze kiest voor politiek geëngageerd theater met een sterke nadruk op het feminisme. In Hadewych analyseert ze de positie van de moderne vrouw in de maatschappij en reflecteert ze over het belang van zelfontplooiing in de context van het feminisme.

 

Het feminisme in Hadewych

Met haar stuk deconstrueert Pittoors de cliché’s waarin vrouwen door de samenleving worden opgesloten. Door tijdens het toneelstuk verschillende vrouwengedaanten te vertolken, toont ze aan dat een vrouw meer is dan de restrictieve rollen die haar worden opgelegd. De vrouwelijke identiteit is volgens de actrice fundamenteel meervoudig: ‘een vrouw is niet of de echtgenote, de minnares, de moeder of de hoer, het is niet of/of maar en/en’, zegt Pittoors in Etcetera.

In Hadewych benadrukt de actrice eveneens het belang van zelfverwezenlijking voor de vrouw. Volgens Pittoors moeten vrouwen geen slachtofferrol aannemen, maar zich integendeel opwerpen als sterk individu en inzetten op individuele zelfrealisatie. Deze feministische opvattingen projecteert ze ook op de middeleeuwse mystica. In Dietsche Warande en Belfort zegt Pittoors dat Hadewijch ‘een zelfstandig denkende, schrijvende, dichtende vrouw’ was ‘die niet vies was van erotiek’.

Op die manier verschijnt de middeleeuwse mystica in de jaren tachtig op de bühne als feministe. Hadewijch is nu een vrije, onafhankelijke vrouw die in de erotische liefde de ware vorm van zelfontplooiing bereikt.