Renaat Ramon, visueel en concreet dichter

Een deel van het oeuvre van Renaat Ramon wordt omschreven als visuele of concrete poëzie. Die terminologie is zeker niet voor iedereen gemeengoed. Renaat Ramon zelf omschrijft deze vormen van poëzie in Poëziekrant 3, 2012 als volgt: "In de concrete poëzie stricto sensu gaat het om gedichten die alleen naar zichzelf verwijzen. Zo' n gedicht is de onmiddellijke materialisatie van een idee via een esthetisch bewustzijn. Concrete poëzie is ook een poging om een woord te laten samenvallen met een ding, om het illusionistisch karakter van de literatuur te overstijgen. [...] Ik hanteer de term concrete poëzie voor werk dat alleen met linguïstisch materiaal, codes en cijfers werkt; visuele poëzie voor de interactie (niet de combinatie) van woord- en beeldmateriaal.", waarna Ramon eraan toevoegde dat hij voor zijn eigen werk de voorkeur geeft aan de term "empirische gedichten".

De eerste visuele gedichten van Renaat Ramon verschenen in de literaire tijdschriften De Tafelronde en Radar. Het zou echter nog tot 1999 duren voor er een eerste bundeling met visuele gedichten verscheen. De bundel Ongehoorde gedichten, die vooral met cijfers en wiskundige tekens werkt, verscheen bij uitgeverij Poëziecentrum.

Op de cover van Ongehoorde gedichten staat het visueel gedicht 'Babel'. De Zigguratvorm van het gedicht is opgebouwd uit zich naar boven toe herhalende en in afmetingen afnemende reeksen Griekse lettertekens. Zoals Jooris van Hulle opmerkte in het voorwoord van de verzamelbundel Klemteken (2012) blijft de tekst van het gedicht onleesbaar en toont het zo 'letterlijk' de befaamde spraakverwarring.

Eveneens in 1999 verscheen de losbladige uitgave Color field poetry als losbladig album en is volledig gebaseerd op de sonnetvorm. De openingscyclus 'Blinde stem' bevat vier sonnetten die bestaan uit zwarte balken die in hun wisselende omvang de kwatrijnen en terzines van het sonnet verbeelden.

Met paars, groen, grijs en geel, de terugkerende kleuren, worden in balkstructuren van de gedichten in de tweede reeks, waarnaar de publicatie genoemd werd, kleurencombinaties gemaakt die variaties zijn op de structuur van de sonnetten uit de openingsreeks.

 

Zichtbare stem, met de opvallend antagonistische verwijzing naar Ongehoorde gedichten, verscheen pas 10 jaar later in 2009. De bundel bevat, zoals Ramon in het colofon aanhaalt, '50 empirische gedichten', wat Jaak Fontier in zijn bespreking van de bundel in Poëziekrant doet besluiten dat Ramon hierdoor al een indicatie geeft, dat hij zich niet louter met formeel-esthetische aspecten bezig houdt in deze bundel, maar ook met de maatschappelijke realiteit (Poëziekrant 2, 2010).

Verschillende van de gedichten uit deze bundel werden al gepubliceerd in tijdschriften (Archipel, Gierik/NVT, Kruispunt, ...) en een aantal ervan werd ook al geëxposeerd in onder meer het Groeningemuseum in Brugge, Galerie 93, Watou, Galerie Art O Nivo. Het gedicht 'Rise and fall' dat op de cover van de bundel staat werd ook aangebracht op een strandcabine in Nieuwpoort

Na deze twee publicaties verschenen er her en der nog visuele gedichten van Renaat Ramon in tijdschriten. Er werden ook nog een aantal van die gedichten gebundeld in kleinere uitgaven: Lingua Franca (2009), NØtebØØk (2010) en Apodicta (2013).

Gedichten uit deze en andere bundels werden ook op verschillende plaatsen tentoongesteld, bijvoorbeeld in de groepstentoonstelling Kapel van Woorden in Tilburg (2012) en tijdens het tweede Underground Poetry Fest in Brussel (2015).

Renaat Ramon als promotor van visuele en concrete poëzie

Renaat Ramon zette zich niet enkel in voor zijn eigen visuele en concrete poëzie, maar hij levert ook heel wat inspanningen om het genre in het algemeen, dat in ons taalgebied vaak stiefmoederlijk behandeld wordt, te promoten.

In 2002 organiseerde hij in Brugge samen met Jan Van der Hoeven een internationale tentoonstelling rond visuele en concrete poëzie, Visie Versa. De tentoonstelling vond plaats op twee locaties, Galerie De Witte Beer en Architectenbureau Groep Planning en presenteerde werk van onder meer Hans Clavin (NL), Klaus Peter Dencker (D), G.J. de Rook (NL), Adriaan de Roover (B), Mark Insingel (B), Jan Van der Hoeven  (B), Robert Joseph (NL), Peter Bruno Meijboom (NL), Marcel Van Maele (B) en Renaat Ramon zelf.

 

In zijn inleiding van de tentoonstellingscatalogus ging Renaat Ramon nog even dieper in op de vaak geproblematiseerde relatie tussen visuele en concrete poëzie: "Het onderscheid tussen visuele en concrete poëzie is zoiets als het verschil tussen twee-eiige tweelingen: ze hebben dezelfde stamboom, ze hebben gemeenschappelijke kenmerken, worden met elkaar verward, maar toch, ze hebben een apart karater en  hun ontwikkeling verloopt niet parallel.", waarna een heldere uiteenzetting die probeert de grenzen scherp te stellen.

 

In 2014 leverde Renaat een tour de force met de publicatie van Vorm & Visie. Geschiedenis van de concrete en visuele poëzie in Nederland en Vlaanderen. Dit kloeke boekwerk brengt een uitvoerige documentatie bijeen. Het is het eerste naslagwerk in ons taalgebied dat dit specifieke domein van de poëzie in zijn totaliteit behandelt, van de rederijker Matthijs de Castelein tot de recentste realisaties. Het onderwerp wordt  gekaderd binnen een  een ruimere literaire, maar ook socio-economische context. Het boek behandelt  trouwens niet alleen traditionele dragers, maar ook driedimensionaal werk, geur- en lichaamspoëzie, performances en acts.

Bij de voorstelling van het boek op de zolder van het Poëziecentrum was de fine fleur van de visuele en concrete poëzie in ons taalgebied aanwezig: Gerrit Jan de Rook, Hans Clavin, Luc Fierens, Wilfried Wynants, Erik Slagter, Philip Meersman, ...

Door de vele inspanningen die Renaat Ramon levert voor de promotie van de visuele en concrete poëzie heeft hij een groot netwerk opgebouwd, een netwerk dat zich niet beperkt tot het Nederlandstalige taalgebied. Hij heeft ook contact met visuele dichters uit andere landen vb. Sarenco, Klaus Peter Dencker, Gerhard Rühm, ...

Hij is zelf ook vaak aanwezig op activiteiten die door andere georganiseerd worden ter promotie van de visuele en concrete poëzie.